All You Need Is Pessimisme

Elke kerst verlang ik weer naar kerstavond, met All You Need Is Love. Gisteravond was het weer zover. Waar half Nederland wegzwijmelt bij de prachtige liefdesverhalen en mensen die dramatisch op elkaar afrennen om vervolgens in elkaars armen te springen, vind ik meer plezier in de hele boel afkraken. Mijn hart is nooit romantisch geweest. Romantiek zit simpelweg niet in mijn systeem. Ik snap het ook niet. Ik snap niet zo goed wat precies romantisch is en wat niet, of ik vat dingen romantisch op terwijl ze dat volgens de menigte niet horen te zijn. Zo vind ik het best romantisch als je een afhaalmaaltijd langs komt brengen. Of wijn. En zo snap ik niks van bloemen (ze zijn duur, gaan dood en ik ben er vaak allergisch voor) of van die koppeltjes die hand in hand fietsen (dat is toch ziekelijk onhandig?). Nu lijk ik net zo’n chagrijnige sufkut (of sufpiemel, om genderneutraal te blijven) die boos is op de wereld omdat ze zelf geen liefde heeft, maar zo zit het niet. In relaties functioneer ik gewoonweg niet optimaal. Dat hele Hollywoodbeeld van liefde is niet aan mij besteed (oei, nu voel ik me een beetje een namaak Alain de Botton). Ik ben niet zo spontaan, zo gezellig, zo romantisch, zo meelevend of zo knuffelbaar. Ik ben niet iemand die spontaan cadeautjes gaat kopen, ik ben niet iemand die een relatie hebben ziet als een groot goed, ik ben niet iemand die gelooft in het bestaan van een ware liefde. Ik denk dat je soms iemand tegenkomt met wie je het wonderbaarlijk genoeg langer vol wilt houden dan met andere mensen, maar niet per se je hele leven. Gewoon, een leuk iemand. Iemand met wie je kunt lachen, iemand die je afhaalmaaltijden brengt en met wie je een band krijgt. En dan gaan we als maatschappij labelen. En als zo’n label geplaatst is komt er opeens veel meer bij kijken. Verwachtingen, vooral. Zo wordt er opeens van mij verwacht dat ik altijd weet wat de ander aan het doen is. Dat we alles samen gaan doen. Dat ik over al mijn frustraties en gevoelens ga vertellen, terwijl ik daar liever alleen over schrijf in zo’n zielige emo boekje dat ergens op mijn kamer verstopt ligt. Dat ik er opeens naar hoor te verlangen om elke minuut samen te spenderen, of op zijn minst al mijn vrije tijd. Al die kwetsbaarheid en al dat emotionele gezeik. Ik kán dat niet, internet. Hoe kunnen jullie dat wel? Zoals mijn favoriete liefdespessimist Schopenhauer ooit, vrij vertaald, zei over de liefde: ‘het leven is zo kort, onzeker en vluchtig dat het niet de moeite van grote inspanning waard is’ (ironisch genoeg komt dit citaat uit het enige boek van Alain de Botton dat ik bezit).

Een tijdje geleden ontmoette ik een vrouw van in de zeventig en zij werd in één klap mijn rolmodel. Naast het feit dat ze er fantastisch uitzag, humoristisch was en haar shit op orde leek te hebben, begon ze binnen een paar minuten een ontzettend persoonlijk gesprek met mij over haar leven. Als ik deterministisch aangelegd was zou ik denken dat deze ontmoeting zo had moeten zijn. Nu noem ik het slechts toeval. We hebben het kort over haar leven en de liefde als ze opeens zegt wat ik in grote lijnen over 50 jaar ook wil kunnen zeggen:

‘Als je jong bent dan wil je dat allemaal nog, en dat snap ik ook wel allemaal. Het is ook leuk en gezellig om iemand te hebben met wie je dingen kunt delen. Maar aan het eind van je leven moet je het toch zelf doen. Ik ben 76, heb een herseninfarct gehad, ben drie keer getrouwd geweest en drie keer gescheiden. Nu vind ik het mooi geweest. Ik kies voor mezelf. Elke week ga ik naar de sportschool en doe ik aan roeien. En als ik een keer omsla en verdrink, dan is dat ook goed. Dan heb ik mijn leven geleefd en ben ik gelukkig geweest.’
(PS: op ziek zijn en het trouwen en scheiden na, dan. En het wekelijks sporten zie ik ook nog niet gebeuren)

Oma en opa vragen elke kerst weer of ik nou al een vriendje heb, maar wonderbaarlijk genoeg houd ik ze nooit aan tot kerst. Met kerst zit ik altijd alleen op de bank naar All You Need Is Love te kijken en alles af te kraken. Ik ben er heilig van overtuigd dat als Marie niet naar Cherso op vakantie was geweest en daar hopeloos verliefd was geworden op een Griekse god(in), ze in Nederland vanzelf wel verliefd was geworden op een Jan(ny) die ze de ware had genoemd. Hetzelfde geldt voor de Griekse god(in) overigens. Liefde is iets maatschappelijks, iets wat er bij lijkt te horen. Maar de komende tijd wil ik er even niks mee te maken hebben, behalve mijn liefde voor kerstkransjes en onafhankelijkheid. En lekker een pessimistische sufkut zijn.

One Comment

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *